Zo gaan wij te werk: onderzoek en behandeling

Onderzoek

Veruit het belangrijkste deel van het onderzoek is uw eigen verhaal. Het is daarom belangrijk dat u de vragenlijsten die u vooraf krijgt goed invult. We letten vooral op de volgende aspecten:

  • Om wat voor duizeligheid gaat het?
  • Wat is het verloop in de tijd?
  • Ontstonden de klachten geleidelijk of acuut?
  • Hoe lang duurden de klachten?
  • Zijn er omstandigheden waardoor de klachten optreden of verergeren?
  • Worden de klachten bijvoorbeeld uitgelokt door hoofdbewegingen?
  • Doen ze zich voor bij omdraaien in bed, bij rechtop gaan staan, tijdens lopen of in drukke winkels?
  • Zijn er andere verschijnselen, zoals verminderd gehoor, oorsuizen, hoofdpijn, misselijkheid, braken, hartkloppingen, transpireren, moeite met praten, dubbelzien, benauwdheid en angst?
  • Uiteraard  wordt ook geïnformeerd naar uw algemene gezondheid en medicijngebruik.

Het algemene onderzoek kan bestaan uit inspectie van de oren, beoordeling van oogbewegingen, houding en evenwicht, meting van hartslag en bloeddruk en bloedonderzoek. Het is mogelijk dat uw huisarts dit algemene onderzoek reeds verricht heeft. Het algemeen lichamelijk onderzoek wordt gevolgd door gestandaardiseerd onderzoek. Dat bestaat uit een evenwichtsonderzoek, een longfunctietest, een bloeddrukmeting en een gehoortest.
Afhankelijk van de klacht of bevindingen bij het reguliere onderzoek wordt soms aanvullend onderzoek verricht zoals bijvoorbeeld beeldvorming (CT-scan of MRI-scan)

Aan de hand van uw verhaal en de resultaten van het aanvullend onderzoek lukt het ons team in 85% van de gevallen de oorzaak van de duizeligheid op te vinden en kunnen we een behandelplan voor u opstellen.

Behandeling

De behandeling van duizeligheid hangt af van de diagnose die gesteld wordt. Grofweg zijn de volgende behandelingen mogelijk:

  • Medicijnen. Bij een acute aanval van draaiduizeligheid kunnen de duizeligheidsklachten en misselijkheid worden bestreden met medicijnen. Bij sommige aandoeningen (zoals de ziekte van Ménière en migraine) is onderhoudsmedicatie zinvol, met als doel nieuwe aanvallen te voorkomen. Of onderhoudsmedicatie gegeven moet worden hangt vooral af van de frequentie waarmee de duizeligheidsaanvallen optreden. Bij sommige aandoeningen, zoals BPPD zijn medicijnen echter helaas zinloos.
  • Repositiemanoeuvres. BPPD kan goed worden behandeld met manoeuvres waarbij de losliggende ‘steentjes’  worden ‘gereponeerd’ (teruggebracht) naar de plek in het evenwichtsorgaan waar ze oorspronkelijk vandaan komen.
  • Fysio- en oefentherapie. Bij balans- en evenwichtsklachtenklachten die het gevolg zijn van beschadiging van het evenwichtsorgaan kan fysiotherapie mechanismen bevorderen die het herstel compenseren. Een lijst van door het ADC geschoolde fysio- en oefentherapeuten vindt u op de site van het Kenniscentrum Duizeligheid.
  • Chirurgie. Heel soms kan met name bij de ziekte van Ménière operatief ingrijpen zinvol zijn.

Deze website gebruikt cookies om u de best mogelijke ervaring te geven.

Strikt noodzakelijke cookies
Deze cookies zijn strikt noodzakelijk om over de site te navigeren en gebruik te maken van de verschillende functies op de website.
Functionaliteitscookies
Deze cookies verbeteren de functionaliteit van de website door het opslaan van uw voorkeuren.
Prestatiecookies
Deze cookies helpen om de prestaties van de website te verbeteren, waardoor u een betere gebruikerservaring krijgt.
Online surfgedrag/reclamecookies
Deze cookies worden enkel ingezet voor het kunnen afspelen van YouTubevideo's via onze website. Er worden dus geen gegevens verzameld voor reclamedoeleinden.

Meer weten